Ga naar hoofdinhoud

Tussen milieulasten en -lusten


Wat is de milieu-impact van een keur aan ingrepen in vastgoed? Dat maakt de nieuwe Milieu Kosten Indicator inzichtelijk. Weg van het onderbuikgevoel, maar toets- en meetbaar. In gesprek met twee drijvende krachten achter deze MKI Onderhoud: Geurt Donze van Stichting W/E Adviseurs en Edwin Meeuwsen van OnderhoudNL.

Geurt Donze tekende met Stichting W/E Adviseurs voor de inhoudelijke invulling van de MKI Onderhoud. FOTO: HERBERT WIGGERMAN

De wereld staat figuurlijk en steeds vaker ook letterlijk in de brand. Is MKI een druppel op de gloeiende plaat?
Donze: ‘Als ik zo in het leven zou staan, kunnen we meteen stoppen met W/E Adviseurs. Onze stichting bestaat 42 jaar en wat we toen deden, doen we nu nog: een bijdrage leveren aan het verduurzamen van de bouw. Ten tijde van onze oprichting heette circulariteit nog de kringloopgedachte. Opdrachten voor corporaties; een nieuwe ketel neerzetten of beter isoleren? En hoe gaan we dat betalen? Dat soort vraagstukken zit nog steeds in onze genen.’

Tegenwoordig met een middel als MKI. Wat kan ik daarmee, als onderhoudsbedrijf?
Donze: ‘Het integrale milieueffect wegen van jouw aanpak in het onderhoud van bestaande bouw. De indicator houdt daarbij rekening met allerlei soorten milieuschade, zoals smogvorming, verzuring, vermesting en klimaataantasting. Het is een soort sommetje dat je maakt, met een rekenmethodiek die wij daarvoor ontwikkeld hebben. Je rekent verschillende varianten en scenario’s door. Voor een bepaalde ingreep – zoals: wat moet ik met dat kozijn of dak doen? – krijg je alle mogelijke materialen in beeld en wat van al die materialen de milieulast is. Die informatie halen we uit de Nationale Milieudatabase.’

Hoe moet ik dat voor me zien?
Donze: ‘We hebben onder meer een tool ontwikkeld in Excel voor renovaties aan platte daken. Je ziet twee verschillende aanpakken in diagrammen naast elkaar. Van beide zie je aan een groen staafje wat de milieubelasting is; daar kun je al de beste optie uit kiezen. Een roze staafje geeft de energiebesparing aan. Het derde, donkere staafje is het netto-effect van die twee samen. Dat is de balans tussen milieulast en milieulust en daar kun je op sturen.’ Meeuwsen: ‘Zo mag je best wat meer in materialen investeren, als dat op termijn maar een grotere energiebesparing oplevert. Want wij gaan uit van de totale levenscyclus, als het ware een van-wieg-tot-grafbenadering. Je kunt in de MKI ook snel zien of hergebruik of een nieuw product het meest verstandig is.’

Zo’n hulpmiddel voor dakonderhoud; is dat er ook voor pak ’m beet hout repareren?
Donze: ‘We bekijken met OnderhoudNL hoe we de rekentool kunnen uitbreiden naar de gevel, dus naar metselwerk en kozijnen. Daarnaast zijn we, met partijen als de Utrechtse Renovatieversneller, bezig de MKI te koppelen aan meerjarenonderhoudsramingen. Het idee: de productenmatrix waar veel onderhoudspartijen mee werken, en waarin een paar honderd ingrepen zijn opgenomen, verrijken met MKI- en CO2-informatie.’

En wat kan ik daar dan uit opmaken?
Meeuwsen: ‘Je ziet per ingreep – zoals een schilderbeurt of een kozijn repareren of vervangen – wat je CO2-uitstoot is. Door die lijst heb je ook snel een totaalplaatje en zie je waar de grote vissen zitten. Dus ook waar je de grootste klimaatwinst kunt behalen. Zo kun je plannen vergelijken en gericht verbeteren.’

Zoiets bestond nog niet?
Donze: ‘Nee. Je hoort natuurlijk wel kreten als “biobased is goed”, “kies maar voor hergebruik” of “kurk is beter dan piepschuim”. Maar dat zijn onderbuikgevoelens; biobased is bijvoorbeeld niet per definitie circulair. De stap die we gezet hebben is dat we dat soort aannames meetbaar en toetsbaar maken.’

Is er veel klimaatwinst te behalen in de onderhoudssector?
Meeuwsen: ‘In de nieuwbouw kun je op voorhand eisen stellen, met een schone lei beginnen. Bestaande bouw blijft altijd een beetje onderbelicht. Maar in de acht miljoen gebouwen die Nederland telt, met een lange levensduur, valt zeker veel energiereductie te behalen. Alleen al door dat enorme volume.’

Wie zijn allemaal betrokken geweest bij de totstandkoming van de MKI?
Donze: ‘OnderhoudNL is de opdrachtgever en er was financiële steun van de rijksoverheid. W/E Adviseurs heeft de methodiek inhoudelijk ontwikkeld. Wij hebben kennis van de bouwpraktijk en zijn sterk op het snijvlak van innovatieve vraagstukken, prangende praktijkvragen en een pragmatische wetenschappelijke onderbouwing. Dit soort rekenmethoden maken we ook voor ministeries en kennisinstellingen. Zelf ben ik bouwfysicus, maar onze milieu- en natuurkundigen hebben ook meegewerkt aan MKI. Daarnaast hebben we gespard met en peerreviews gehad van de Hogeschool Utrecht, TU Delft en onderzoeksorganisatie TNO. Smits Vastgoedzorg en woningcorporatie Groenwest hebben de praktijktoepassing getest.’

Zitten onderhoudsbedrijven wel te wachten op MKI?
Meeuwsen: ‘Er is breed draagvlak. Dat bleek ook bij een praktijktoetsing met veertig mensen uit de corporatiewereld en onderhoudsbedrijven. Bovendien vragen opdrachtgevers in toenemende mate om een circulaire aanpak. Dat zit ook wel in de genen van de onderhoudssector; die draagt per definitie bij aan duurzaamheid. Hoeden van wat er is, behoud van het bestaande. Vastgoedonderhoudsbedrijven willen hun euro’s niet alleen besteden aan goede kwaliteit, maar ook aan reductie van klimaatschade en verantwoorde inzet van grondstoffen. Met de MKI helpen wij ze daarbij.’

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.


Schilder dwingt via de rechter betaling van factuur af

Eerste beroepsziekten-dag in teken longaandoeningen

Tweede Kamer zegt contract met nulurencontract op

‘Ondernemers zoeken houvast in onzekere wereld’

Vaste loonkostensubsidie voor beschutte werkplek