Wij zijn in deze winterperiode aan het schilderen in een oud woonhuis, maar in twee ruimten komen we zoutuitslag op de muren (zie foto) tegen. Wat is de mogelijke oorzaak en kan je dit behandelen met een verfsoort zodat deze uitslag niet meer terugkomt?
Antwoord:
De vermoedelijke oorzaak is hier optrekkend vocht. Een probleem dat veel schilders tegenkomen in de dagelijkse praktijk. Het is niet moeilijk vast te stellen, maar wel lastig om effectief te corrigeren. Optrekkend vocht komt vooral voor bij oudere gebouwen en monumenten, maar kan ook bij nieuwbouw optreden. In dat geval is het vaak een bouwfout. De gevolgen zijn ernstig en de eerste partij die hierop wordt aangesproken, is vaak de schilder of stukadoor. Bladderende coatings, loslatende of bollende wandbekleding en stukgaand stucwerk zijn voorkomende schades. Optrekkend vocht ontstaat overal waar poreuze steenachtige materialen, zoals metselwerk, in contact komt met water. Dit kan via het grondwater, vochtige grond of regelmatige aanvoer van oppervlaktewater.
Ook als metselwerk in grond staat, kan (grond)water worden opgezogen. Vrij water is daarbij niet nodig. Vocht of water trekt in steen omhoog. Beton is betrekkelijk hard en dicht en vormt over het algemeen een goede barrière. Metselwerk is echter kwetsbaar. Vooral dikkere muren zijn gevoelig, omdat het water hier moeilijker kan verdampen. Als het water zouten bevat – en dat is vaak het geval – dan blijven na verdamping van het water kristallen achter (muur-uitbloei).
Waterkerende laag
Er bestaan vijf gangbare methoden om optrekkend vocht aan te pakken. Als eerste kan een vochtbarrière worden aangebracht in de constructie. Een tweede mogelijkheid is de muur te impregneren of te injecteren met een chemisch middel. Derde optie is het toepassen van elektro-osmose. Als vierde kunnen droogpijpjes worden aangebracht en vijfde en laatste mogelijkheid is een drainage aanleggen. De betrouwbaarste methode is het onderbreken van de constructie met een waterkerende laag.
Daarbij wordt meter voor meter een laag metselwerk verwijderd, een waterkerende laag aangebracht en metselwerk hersteld. Vaak wordt dit iets onder het niveau van de begane grondvloer aangebracht. Ook de pleisterlaag moet daarbij worden onderbroken. Water mag immers geen kans krijgen alsnog omhoog te kruipen. De methode heeft als nadeel dat het veel tijd kost en dus duur is. Impregneren (zonder druk) of injecteren (met druk) wordt daarom veel vaker toegepast als methode. Het risico hiervan is dat je niet goed weet of de vloeistof voldoende diep doordringt in de steen. Bovendien kunnen scheuren de vloeistof opnemen in plaats van de volledige steen. Alleen door vooraf proeven te doen weet je redelijk zeker of deze methode gaat werken.
Drainage
Vooral middelen die de poriën van de steen waterafstotend maken geven vaak goede resultaten. Elektro-osmose is een methode waarbij water in beweging wordt gebracht en, door een spanning aan te brengen, de opzuiging wordt tegengewerkt Deze methode lijkt interessant, maar in de praktijk werkt het helaas vaak niet. Droogpijpjes aanbrengen om zodoende de droogsnelheid positief te beïnvloeden, werkt in de praktijk in veel gevallen ook niet. Soms krijg je hierdoor namelijk elders ongewenste condensatie. Drainage aanleggen kan in bepaald gevallen helpen. In combinatie met de tweede methode (injecteren of impregneren), biedt deze methode in bepaalde gevallen extra zekerheid.
Vochtafvoer
Voor het aanpakken van muren is het raadzaam om eerst de bestaande muurafwerkingen deels te verwijderen. Pleisterlagen moeten daarbij zeker ook worden verwijderd, omdat deze inmiddels zouten kunnen bevatten, die vocht blijven aantrekken. Na het kaal maken van de muren kunnen de ruimte het beste worden voorzien van ontvochtigers. De luchtvochtigheid moet namelijk drastisch naar beneden om de muren goed te laten drogen. Eventueel in combinatie met verwarmen. Alleen verwarmen werkt beslist niet. Het vocht moet ook vlot worden afgevoerd. Bij het drogen worden zouten naar het oppervlak getransporteerd. Deze kristalliseren en moet je daarom weg borstelen. Hierna adviseer ik een renovatie- of restauratiepleister te gebruiken. Tot slot kan er daarna weer als ‘finishing touch’ worden geschilderd. Een speciale verfsoort is dus niet nodig. Het gaat er in zo’n situatie om dat de oorzaak (vocht) eerst goed wordt aangepakt, zoals hierboven beschreven.
