Een beetje tegen wil en dank nam vice-voorzitter Ruud Maas sinds het onverwachte vertrek van Roland Kortenhorst (om privéredenen) de voorzitterstaken van ondernemersvereniging Fosag waar. Hij zei bepaald niet meteen ‘ja’ op de vraag om voorzitter te worden. Maar nu gaat hij ervoor.
Ruud Maas die een profiel opstelt waar Ruud Maas aan voldoet… uw benoeming stond wel een beetje in de sterren, hè?
‘Ik kan me voorstellen dat sommige mensen dat zo zien. En ook dat de benoeming van een schilderondernemer, na twee voorzitters die “van buiten” kwamen, bevreemding wekt. Maar het ligt echt anders. Ik zou juist per 1 januari na zeven jaar afscheid nemen van al mijn bestuurlijke functies binnen Fosag, en meer tijd krijgen voor mijn bedrijf en mijn gezin. Daar zag ik naar uit. Met de opstelling van het profiel heb ik me inderdaad bezig gehouden. We wilden dit keer niet iemand uit de politiek, wel iemand die uit de branche kwam en bestuurlijk op de hoogte was. Toen ik werd gevraagd heb ik er een paar weken over moeten nadenken.’
Waarom die trendbreuk? Jan van Walsem en Roland Kortenhorst hadden een groot netwerk in politiek De Haag…
‘Met de huidige politieke verschuivingen is het natuurlijk maar de vraag hoeveel invloed je binnenhaalt met iemand met zo’n netwerk. Sommige partijen krimpen, andere komen op. Dan is het misschien zelfs beter als je als voorzitter juist geen binding hebt met een partij. Daarnaast hebben de beleidsmedewerkers van Fosag uitstekende contacten op de verschillende ministeries. Bij bijvoorbeeld arbozaken en BTW-kwesties, zaken die voor onze branche van direct belang zijn, zitten we er bovenop. En vergeet niet dat we als Fosag een belangrijk en gewaardeerd lid zijn van MKB-Nederland. Ook zo kunnen we politiek lobbyen, bijvoorbeeld voor een betere waardering van het beroepsonderwijs.’
Bestuurlijk bent u natuurlijk wel goed op de hoogte…
‘Lang niet van alles, maar, en dat is een heel prettige omstandigheid, de bestuursleden van Fosag, allen ondernemers, hebben de laatste jaren veel werk gemaakt van hun portefeuilles. Ze zijn echte specialisten geworden. Daarnaast heb ik er inderdaad twee termijnen, van vier jaar en van drie jaar, bestuurslidmaatschap opzitten. En die kennis is in deze periode van belang, vooral omdat we de integratie van de secretariaten van Fosag en Noa nog aan het vormgeven zijn. Besluiten kun je nemen, maar daarna begint het natuurlijk pas. Dat duurt nog wel een tijdje voordat alles goed op zijn plaats gevallen is.’
Wat gaat onder uw leiding de komende vier jaar gebeuren?
‘Ik ben niet zo van de visionaire uitspraken. Zeker in deze tijd lijkt me dat niet verstandig. Neem nu de economische crisis. Vorig jaar leek die op zijn diepst, en dachten we met een aantal crisismaatregelen de ergste pijn voor de sector te kunnen verzachten. Nu wordt de bankencrisis opgevolgd door een eurocrisis en blijven de schildersbedrijven het moeilijk hebben. Daar past geen lange termijnvisie bij. Overigens komt het bestuur begin 2012 wel met een beleidsplan voor de komende vier jaar. En we gaan natuurlijk door met de lopende zaken als de imagocampagne Knap Werk, de doorontwikkeling van de scholing in de sector, de loon- en functiestructuur…’
Een branchevereniging als Fosag is volgens u niet zo langzamerhand achterhaald?
‘Nee zeker niet. De schilderssector heeft een krachtige belangenvereniging nodig. Zoals voor het lage BTW-tarief, dat er nooit was gekomen zonder onze lobby, en dat we nog steeds in de gaten moeten houden. En zoals voor de CAO, anders moet je dat als ondernemer allemaal zelf met je medewerkers gaan afspreken. En zoals het in stand houden en professionaliseren van het onderwijs.’
Maar ondernemers klagen toch altijd over de CAO-regeltjes en zo?
‘Wij zijn voorstander van modernisering van de arbeidsverhoudingen. Het onderscheid werkgever- werknemer is eigenlijk al vreemd. We hebben elkaar nodig. We moeten goede afspraken met elkaar kunnen maken. Maatwerk. Dan knellen CAO-afspraken wel eens, zoals de werktijdenafspraken bij de glaszetters en de metaalconserveerders. En in een breder verband zijn we voor versoepeling van het ontslagrecht. Dan krijg je meteen: “jullie werkgevers willen maar mensen ontslaan”, maar dat is het helemaal niet. Het is toch de wereld op zijn kop dat je bij wijze van spreken in september al met ontslaan van vaste mensen moet beginnen omdat je niet zeker weet of je ze werk kunt bieden in de winter? En dan met inleenkrachten in de winter moet doorwerken? Ik weet ook niet precies hoe het anders zou moeten, maar wel dat we naar flexibeler afspraken moeten. Je kunt alle eventuele misbruik van regels wel willen afdichten, maar dan lijden de goeden, de vergrote meerderheid, onder de kwaden, die toch een uitzondering vormen.’
En onderwijs blijft in uw portefeuille?
‘Ja, daar was ik als bestuurslid al verantwoordelijk voor, en als voorzitter blijf ik dat. Gelukkig is er al eerder een knip gemaakt, en hoef ik niet ook het Bedrijfspensioenfonds Schilders voor te zitten. Dat is ingewikkelde materie die veel deskundigheid vereist. Op die post doet Jan van Walsem veel goed werk. Wat betreft onderwijs heeft de aansturing van Kenniscentrum Savantis mijn aandacht. Niet dat dat slecht gaat, maar vanuit de insteek bij Fosag: het kan altijd beter.’
