Ga naar hoofdinhoud

Onderhoud, maken we onszelf iets wijs?


‘Schildersbedrijven hebben slag te winnen op totaalonderhoudsmarkt’ kopt
Fosag Actueel. Met hetzelfde recht kun je zeggen dat de schildersbedrijven die
slag juist aan het verliezen zijn. Of gloort er hoop?

Ondernemersvereniging Fosag liet drs Hans Schellevis
van het Economisch Instituut voor de Bouwnijverheid (EIB) een onderzoek doen
naar de markt voor totaalonderhoud. Het idee is natuurlijk dat al die
‘vastgoedzorg-‘ en ‘goed voor uw vastgoed-‘ bedrijven in de
schildersector daar een factor van belang aan het worden zijn.
 
Onderaanneming
Wat dat betreft zet het EIB
de sector met beide benen op de grond: opdrachtgevers zien schilders- en
onderhoudsbedrijven helemaal niet als de aangewezen partners voor uit te voeren
totaalonderhoud. 
Als ze een onderhouds- of renovatieklus hebben denken ze aan aannemers.
Voor het bijkomende schilderwerk moet die aannemer dan maar een schilder in
onderaanneming aannemen.
 
Niets extra’s
De rest van het rapport (dat ik nog niet
gezien heb) bevat vooral, als ik Fosag Actueel lees, het soort van argumenten die de
schildersector al jaren ventileert:
– schilders- en onderhoudsbedrijven zijn meer gericht op langdurig
onderhoud,
– zijn klant- en bewonersvriendelijker,
– hebben  specifieke ervaring op het gebied van verduurzaming… en
meer van dat soort moois.
Niets aan te merken op die argumenten, maar het EIB toont er zo te
zien niets extra’s over aan.
 
Vaklieden
Feit is natuurlijk dat zowel de Heijmansen
en de BAMs van deze wereld, als ook de MKB-aannemer
om de hoek die veel voor corporaties werkt, allang
die totaalonderhoudsmarkt zien groeien.
Ook zij bieden zich aan voor dat soort klussen. Ook zij hebben, meer van
nature dan schildersbedrijven, bouwtechnisch onderlegde medewerkers op
kantoor zitten die kunnen meedenken met de opdrachtgever.
Van oudsher hebben de middelgrote aannemers bovendien een keur aan
vaklieden in dienst, waar schildersbedrijven misschien net een paar timmerlieden
extra tegenover kunnen stellen.
Zodra het aandeel bouwkundig werk in een te vergeven project het
leeuwendeel uitmaakt, waarom zou een opdrachtgever dan voor een
schildersbedrijf kiezen?  
 
Concurrentie
Veel schildersbedrijven zijn in de totaalonderhoudsmarkt gesprongen
en hebben daar kansen gekregen omdat de aannemers de andere kant uit
keken: nieuwbouw, dat vonden ze veel mooier (en
lucratiever).
Nu de aannemers mee beginnen te doen voelen de totaalonderhoudsbedrijven de
concurrentiedruk toenemen.
 
 
Is er geen hoop? Tuurlijk wel.
* Ten eerste moet je niet ál het totaalonderhoud willen kunnen doen. Waarom
zou je grootscheepse verbouwingen oppakken, als je toch voornamelijk schilders
aan het werk te houden hebt?
* Ten tweede is onderaanneming zo slecht nog niet, als je je weet op te
werken tot ‘preferred supplier’, en liefst tot ‘co-maker’ van het
aannemingsbedrijf. In een goede samenwerking kan een goede boterham
zitten.
* Ten derde is wat niet tussen de oren van de opdrachtgevers zit daar natuurlijk wel te
kríjgen: de hierboven genoemde, niet nieuwe argumenten zijn vaak ter zake: het in
totaalonderhoud gespecialiseerde schildersbedrijf hééft bepaalde kwaliteiten die
in de grote bouw (nog) ontbreken. Dat moet en mag worden verteld.
*
Ten laatste: je stinkende best doen. Nog teveel schildersbedrijven met een certificaat
Repair Care op zak trekken de broek van totaalonderhoud aan. Veel te
ruim.
 
Lang proces
Wie totaalonderhoud aanbiedt, zal het ook moeten kunnen leveren. Dat
betekent op alle niveau’s kennis hebben van technieken, materialen, methodes én
wegen om daarin te besparen op onderhoudskundig en bouwkundig niveau.
Da’s ervaring en kennis die je niet zomaar inkoopt. Daarvoor ga je
door een proces. Dat kost tijd. Maar degenen die het gedaan hebben zeggen dat
het loont.  
 
 

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.


Vincent Sapuletej terug op het OnderhoudNL-nest

Bijspringende ondernemer staat groei bedrijf in de weg

Voorjaarsbeurs dag 2: Een en al nijverheid

Voorjaarsbeurs dag 1: ‘Biobased wordt mainstream’

Oproep: ‘Behandel netcongestie als nationale crisis’