Of het een droom is, een elektrische bus? Aan de andere kant van de keukentafel klinken een langgerekte ‘nóú’ en ‘néé’. ‘Je moet het niet zien als een droom’, zegt Harry Koenjer met typerende Sallandse nuchterheid. Een boegbeeld hoeft hij niet zo nodig te zijn. Toch geeft de schilder uit Heeten, een dorp tussen Deventer en Raalte, wel degelijk het goede voorbeeld met de aanschaf van zijn volledig elektrische Nissan; de e-NV200.
‘Mijn oude bus, een diesel, was aan vervanging toe’, vertelt Koenjer tussen het verorberen van zijn boterhammen met kaas door. ‘Eerder had ik al besloten dat mijn volgende bus een elektrische zou moeten zijn. Want ik vroeg me af: wat kan ik nou doen om minder olie uit de grond te trekken? Thuis neem ik isolatiemaatregelen, zoals dubbel glas. Beroepsmatig werk ik – ook buiten – geregeld met watergedragen producten en sinds januari beschik ik over elektrisch vervoer.’
Want zoals velen weten: de grootste milieubesparing is te behalen in het verminderen of verschonen van de vele zo kenmerkende vervoersbewegingen in deze branche. Om nog maar te zwijgen van de emissievrije zones in binnensteden vanaf 2025, waar helemaal geen bedrijfswagens op diesel of benzine meer welkom zijn. Nu zal dat laatste voor Koenjer niet zo’n obstakel zijn, want het meeste werk heeft hij in Salland en omstreken. ‘Maar ik heb ook weleens opdrachten in Deventer, Zwolle of Apeldoorn.’
Koenjer heeft circa 26.000 euro afgetikt voor zijn bus. Een demomodel, zo goed als nieuw, inclusief trekhaak en imperiaal voor de ladder. Een nieuw exemplaar paste, ondanks eventuele subsidie, niet in zijn budget. Bovendien zou een laadpaal Koenjer nog ruim 1.000 euro kosten, maar de schilder kiest ervoor een stopcontact, verlengsnoer en adapter te gebruiken. Zo nodig ligt de Nissan ’s nachts aan deze beademingsinstallatie. Werkt prima. Op goede dagen kan hij er ruim 200 kilometer mee rijden.
Hoewel het hem een paar duiten heeft gekost, betaalt Koenjer tot 2025 geen wegenbelasting – met dit voordeel wil de overheid elektrisch rijden stimuleren – en uiteraard geen brandstof. ‘Ik ken geen andere schilders met een elektrisch busje. Het kan zijn dat ik een voorloper ben, maar daar doe ik het niet voor. Ik ben ook helemaal geen diehard met het klimaat, maar ik ben er, zoals velen, de laatste twee, drie jaar wel meer over gaan nadenken. Elk klein stapje dat ik kan zetten, probeer ik te zetten.’
