Alles keurig schoongemaakt, geschuurd, houtrot vervangen en enkele keren in de lak gezet. ‘Moet je eens kijken naar die voordeur. Het lijkt wel een spiegel. Mooi toch?!’ ‘Dat hout zag er niet meer uit, zo rot was het. En nu, niks meer van te zien.’ Het liefst zou hij uitstappen en aanbellen om ook het binnenschilderwerk nog even te tonen. Maar dat kan niet. Het gezin, de vrienden, ze willen door.
Mooi is het wel, die trots. Als je dan vraagt waarom hij / zij dat project niet heeft ingeschreven voor de Nationale SchildersVAKprijs, volgt vaak: ‘Daar is dit project toch niet bijzonder genoeg voor? Te klein. Ik maak geen enkele kans. Bovendien, die grote jongens winnen altijd.’ En dat is jammer en niet waar. Eenpitters kunnen net zo goed met een prijs aan de haal gaan.
De uitslagen van de afgelopen jaren, bewijzen dat ook. Neem Roland Mutsaars (2025) en Thomas Haseke (2023). Deze mannen gaven in hun categorie anderen het nakijken. ‘Weet je, een klant is vaak al snel tevreden. Daar ben ik heel blij mee. Maar dat ook een vakjury mijn werk als goed beoordeelt, zegt toch iets meer’, reageert Roland desgevraagd. ‘Of je nou wint, wordt genomineerd of bij de voorselectie zit; jouw project staat even volop in de schijnwerpers. Dat op zich is al een waardering voor je project.’
En ja, de inschrijving voor de Nationale SchildersVAKprijs 2026 is weer geopend. Een ideale mogelijkheid om als schilder een project voor het voetlicht van het grote publiek, je collega’s en de vakjury te brengen. Tip: Doe mee.
