Alsof je in het felle schijnsel van een discolamp kijkt, die indruk krijg je welhaast wanneer je de bussen van Belderink van dichtbij bekijkt. Knallende kleuren die contrasteren met het metallic grijs; de voertuigen van het schildersbedrijf uit Oldenzaal gaan niet onopgemerkt voorbij. En dat is nou precies de bedoeling. ‘Je moet in één oogopslag kunnen zien waar wij voor staan’, vertelt eigenaar John Belderink (50). Het lijdt geen twijfel dat we hier te maken hebben met een schildersbedrijf. ‘Die blikken verf zeggen genoeg hè’, zegt de Oldenzaler met een knipoog.
Er is nog een detail dat wat zegt over de oorsprong van Belderink: de geel-blauwe kleuren in het logo op de motorkap zijn immers ook de kleuren van Oldenzaal. John knikt. ‘Ik weet het niet zeker, maar ik denk inderdaad dat mijn opa Johan, die het bedrijf heeft opgericht in 1932, dat wel zo bedoeld heeft.’
Vertrouwde gezichten
John vertegenwoordigt de derde generatie van het familiebedrijf. Hij nam het stokje in 2003 over van zijn vader Gerard. ‘Mijn vader is 86 jaar, maar loopt hier nog elke dag rond. Zo is hij nu wat potten verf aan het ophalen voor een klus.’ Is dat geen belasting, je gepensioneerde vader die over je schouder meekijkt? ‘Nee, ik kan heel goed met mijn vader, en vind het prachtig dat hij zo betrokken is. Hij heeft mij vanaf het begin alle ruimte gegeven en wij reageren meestal hetzelfde in situaties.’
Belderink voert voornamelijk schilderwerk en vastgoedonderhoud uit voor zorginstellingen, stichtingen, scholen en woningbouw. ‘We werken veel met vaste contracten en hebben 55 mensen in dienst. Alle werknemers komen uit de nabije omgeving.’ Dat draagt volgens John bij aan de uitstraling en het karakter van het bedrijf. ‘We leiden bovendien veel eigen jongens op; we hebben nu zes à zeven leerlingen rondlopen. Ik denk dat dat echt de manier is om de kwaliteit van ons werk te waarborgen.’
Elektrisch of diesel?
Zijn werknemers moeten zich ook verplaatsen van A naar B, en John heeft naar eigen zeggen best wat hoofdbrekens gehad bij de optimale samenstelling van zijn wagenpark. Overgaan op elektrisch of voorlopig grotendeels vasthouden aan diesel? Die vraag stelt hij zichzelf regelmatig. Er rijden inmiddels vier Mercedes eCitans rond bij Belderink.
‘De actieradius van die Citans is slechts 250 kilometer’, stipt John een minpunt aan. ‘Eigenlijk te laag, want bijna al mijn werknemers zijn allround en hebben vaak veel spullen en materialen bij zich. Met een zware belading haal je die 250 kilometer al niet. Het is voor mij een voorwaarde dat werknemers hun bus kunnen opladen op de plaats waar ze werken of hier bij het bedrijf. Ik wil niet afhankelijk zijn van laadpunten bij mijn mensen thuis. Dat maakt het vooralsnog lastig om over te stappen naar volledig elektrisch.’


‘Koester het goede’
Wel heeft John in de loop der tijd een en ander veranderd aan de uitstraling van de bussen, elk met een ingebouwd aluminium ladesysteem van Lansing, waardoor de indeling vrijwel identiek is. ‘Vroeger reden ze hier rond met gele busjes. Toen ik het overnam in 2003 waren de busjes al wit, en ik heb dat toen aangepast naar metallic grijs, inclusief de bumpers. Een strakke, verzorgde uitstraling, toch?’
Het logo op de zijkant van de bussen is niet geel-blauw maar wit-blauw. Al zijn de ondoorgrondelijke Escher-lijnen wel duidelijk intact gebleven. John vat het kernachtig samen: ‘Je moet een beetje met je tijd meegaan hè, maar het goede moet je koesteren.’
Ook jouw bus aan schilderend Nederland tonen? Mail naar voor een plekje in deze rubriek. Waar overigens geen kosten aan verbonden zijn.
