Blog

Deze blog schrijf ik terwijl ik aan het uitpuffen ben van het verwerken van de inzendingen voor de Nationale ScildersVakprijs. De jury vergadert binnenkort en van de inzendingen met al hun naw-gegevens enzo maak ik dan elke keer een uniforme powerpoint-presentatie, zodat we makkelijk kunnen vergaderen. Heel veel klik- en tikwerk, is dat. En ondertussen maar genieten.

Want ik kom dan veel oude bekenden tegen: schildersbedrijven die al eerder aan de prijs meededen. Dan denk je: ‘Hé, wat leuk, en wat hebben ze nu weer voor iets moois’ of projecten waarover ik zelf in het afgelopen jaar geschreven heb en waar ik nog wel eens ter plekke gezegd heb: ‘Als ik jou was zou ik inzenden!’ Want veel wat in SchildersVakkrant staat, of in Eisma’s Schildersblad, of op SchildersVAKTV, is inzendwaardig: we komen niet snel met een opschrijfboekje en een film- of fotocamera kijken naar hoe jij een kozijntje lakt; er moet wel iets bijzonders aan de hand zijn.

Dat bijzondere is natuurlijk niet altijd het mooie vakwerk. We schrijven ook over RGS, over hoe samenwerkingen tot optimale keuzes en oplossingen geleid hebben. En optimaal onderhoudswerk is lang niet altijd supermooi slijpwerk (of ‘kabinetswerk’, zoals ik pas iemand hoorde zeggen).

Iets anders dat me opviel bij het ordenen van de inzendingen: dat er nog altijd zoveel schildersbedrijven zijn die ik (en ik werk nu bijna 20 jaar fulltime in deze branche) nog nooit heb ontmoet. Misschien zelfs wel een beetje geërgerd merkte ik op dat er zoveel mooie projecten in ons land gerealiseerd worden waar we heel graag over hadden geschreven. Liefst komen we langs tijdens de uitvoeringsfase. Nu zie ik al die prachtige plaatjes van projecten voorbij komen en denk ik: had me nou toch even gebeld of gemaild. We kunnen niet álles plaatsen, maar sommige projecten zijn zó mooi, die mag je gewoon eigenlijk niet missen.

Ik weet trouwens dat de verffarikanten vaak met hetzelfde probleem zitten. Ze leveren de verf en zien lang niet altijd waar die opgeschilderd wordt. Zo’n project zouden ze maar wat graag aan hun promotieverhaal toevoegen.

Nu begrijp ik best: wat zal jou de media of de promotie van de verffabrikant schelen? Je hebt een klus te doen en een opdrachtgever om tevreden te houden, dáár ligt je prioriteit. Heb ik daar een antwoord op? Ja. Dat je je vakbroeders eigenlijk het meegenieten van zo’n mooie klus zou moeten gunnen. En ja, dat het steeds lastiger wordt om in een hoogcompetatieve samenleving als schilder er een beetje tussenuit te springen en dat publicatie van zo’n mooi project dan helpt.

Dus… de volgende keer als je weer een mooi werk onder handen hebt: niet denken: ‘Die zenden we volgend jaar wel in voor de Nationale SchildersVakprijs’, maar denken: ‘ik stuur ff een appje, sms-je, message of een belletje naar die lui van de vaktijdschriften, misschien hebben ze zin om te komen kijken’. En niet schrikken als we dan ook daadwerkelijk komen!

Over Jan Maurits Schouten

Jan Maurits Schouten (1965) is getrouwd, 'heeft' twee kinderen. Studeerde aan de Hogeschool Arnhem en de Radboud Universiteit Nijmegen. Werkte voor verschillende vakbladen. Regisseerde bedrijfsfilms. Liefhebbert in de literatuur. Hoofdredacteur van SchildersVakkrant sinds 2000.

Bekijk alle berichten van Jan Maurits Schouten

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.