Blog

Ik hoorde onlangs uit de eerste hand dat er alweer een club studeert op een nieuw kozijn. Altijd met dezelfde uitgangspunten: concurreren tegen andere materialen, duurzaam, demontabel. Willen we dat?

Nee, want bij het dagdromen over het ‘ideale kozijn’ is het ook altijd de bedoeling dat dat kozijn zo lang mogelijk onderhoudsvrij is en dus bespaart op schilderkosten. Dus nee, want als schilder verdien je je brood met onderhoud, voornamelijk aan kozijnen.

Maar ja, dat station waren we volgens mij al heel lang voorbij. Omdat een kozijn dat veel geld kost aan schilderwerk een grote kans loopt vervangen te worden voor een ‘onderhoudsvrij’ kunststoffen of metalen exemplaar. En omdat je als schilder ook een dienstverlener bent, je opdrachtgever wilt ontzorgen en niet op kosten jagen. En omdat het helemaal niet leuk is om steeds weer terug te moeten komen bij datzelfde slecht gedetailleerde stuk waaibomenhout met je epoxytubes. Je hebt van die complexen: maak het hout kaal en je komt overal die gele plekken reparatiemassa tegen. Veel werk, veel kosten, niks aan.

Ik ben al verschrikkelijk oud dus ik ben al heel lang allerhande levenslanggarantiekozijnen tegengekomen. Al dan niet op de markt gezet in combinatie met een dertig jaar-contract in samenwerking met een schilder. Menig aanbieder van dat soort kozijnen is inmiddels zelf van de nogal scherp concurrerende timmermarkt verdwenen (prachtbedrijven zoals De Vries Gorredijk, wie kent ze nog), als het goed is zitten hun kozijnen nog altijd ergens in gevelopeningen.

Driedubbel beglaasd of HR+, verlijmd of met neuten, vat- of poedergelakt, met hang- en sluitwerk van leverancier A dan wel juist van B, gechipt of met een QR-code, ik ben het allemaal al eens tegengekomen. Alleen nieuw is, denk ik, de wens om het ook weer zo restloos mogelijk uit elkaar te kunnen halen. Qua materialenbank enzo. Eén ding hebben die concept-kozijnen volgens mij allemaal met elkaar gemeen: het wordt eigenlijk nooit wat. Een bijzonder gegeven: steeds wordt het wiel opnieuw uitgevonden, steeds weigert het te gaan draaien. Wie weet wat de reden is mag het zeggen.

Over Jan Maurits Schouten

Jan Maurits Schouten (1965) is getrouwd, 'heeft' twee kinderen. Studeerde aan de Hogeschool Arnhem en de Radboud Universiteit Nijmegen. Werkte voor verschillende vakbladen. Regisseerde bedrijfsfilms. Liefhebbert in de literatuur. Hoofdredacteur van SchildersVakkrant sinds 2000.

Bekijk alle berichten van Jan Maurits Schouten

2 reacties op “Het kozijn en de schilder

  1. Herman Dijkstal schreef:

    Zoals het fotootje bij het artikel al laat zien: in andere landen gaan kozijnen net zo lang mee als het gebouw zelf. Ook zonder resultaat-gericht-schilderen (alweer zo’n nieuw wiel dat maar niet wil draaien). Zolang we nog op traditionele wijze huizen bouwen horen daar traditionele (houten) kozijnen bij die we op traditionele wijze onderhouden. Schilderen dus.

  2. hugo derksen schreef:

    Je wordt als schilder tegenwoordig gek van al die detailleringen in zo’n draai-, kiepraam.
    Er lopen vaak twee of drie rubbers om de omkanten met allerlei metalen hang en sluitingen, en dan heb ik het nog niet over het veranderen van kleur als de klant daarop vraagt tot hor ver moet je gaan met die zijkanten. Kom ook al draairamen tegen waarvan de onderzijde kapot knappen omdat ze beginnen te klemmen door bv scheef hangen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.