Actueel

In Emmen en in Etten-Leur komen twee proeffabrieken voor het polymeriseren van biobased monomeren. Het initiatief daartoe komt van het Biobased Performance Materials onderzoeksprogramma van de Wageningen Universiteit. De kennis uit deze pilot plants komt de hele industrie ten goede.

Polymeren zijn lange molecuulketens die de basis vormen van veel verschillende kunsstoffen en ook van verf. Ze worden gemaakt van monomeren, die van oudsher uit olie gewonnen worden, maar meer en meer ook uit hernieuwbare gewassen. Maar tot nu toe waren er geen faciliteiten om met die biobased monomeren te experimenteren.

Christiaan Bolck, directeur van het BPM-programma: ‘Als de eindmarkt nog onvoldoende in zicht is, is het voor individuele bedrijven veelal te kostbaar en te risicovol om een dedicated polymerisatie pilot plant op te zetten . Daarom proberen we met open access pilot initiatieven de productie van nieuwe polymeren op te schalen. Op dit moment zijn er geen faciliteiten met de benodigde specialistische kennis voor ondernemingen die hier in geïnteresseerd zijn. Terwijl er wel economische kansen zijn als het eenmaal blijkt te werken.’
De proeffabrieken, die ‘van wereldklasse’ gaan worden, worden gerealiseerd in samenwerking met Chemport Europe (Emmen) en Biobased Delta (Etten Leur)

In Etten-Leur gaat een proeffabriek zich richten op ringopening polymerisatie van biobased monomeren. Jan Noordegraaf (Synbra Technology): ‘De realisatie van deze pilot, pal naast het terrein van Synbra, maakt het mogelijk om nieuwe co-polymeren te maken die nieuwe biobased monomeren kunnen omzetten tot polymeren in een structuur die we  altijd voor ogen hebben gehad.’ Inmiddels hebben al 5 grotere en meer dan 10 kleinere bedrijven aangegeven mogelijk gebruik te willen maken van de pilot.

In Emmen is op de Sustainable Polymer Innovation Campus (SPIC) de tweede pilot faciliteit gepland. Gerard Nijhoving van Senbis, een bedrijf dat toegepast onderzoek doet op het gebied van polymeren: ‘Binnen het SPIC-innovatiecluster in Emmen is eigenlijk alle benodigde hardware voorhanden en kunnen we makkelijk de link maken met toepassingen, zoals multifilament garens of monofilamenten voor 3D-printing. Om de prestaties van polyester en polyamide garen te verbeteren is in Emmen al veel onderzoek gedaan naar polycondensatie. De laatste jaren krijgen we met name veel vragen naar biopolymeren, die vaak een polyesterachtige structuur hebben. Opschaling hiervan is vaak lastig, vandaar ons initiatief voor een polycondensatie pilotfaciliteit met een capaciteit van 50 a 100 kg per dag.’
Volgens Bolck passen de twee routes – ringopening en polycondensatie – prima binnen het BPM-programma en sluiten ze goed aan bij het onderzoek van Wageningen University & Research. ‘Wij kunnen nu polymeren maken op kiloschaal; de proefabrieken kunnen een enorme katalysator zijn om biobased bouwstenen naar de markt te brengen. Ze vormen daarmee een belangrijke voorwaarde om de fossiele economie te transformeren in een biobased economy. We roepen de industrie daarom ook van harte op zich bij dit initiatief aan te sluiten.’

1 reactie op “‘Open acces’ proeffabriek voor bio-polymeren

  1. Ad schreef:

    Polycondensatie en ringopeningschemie (in feite hetzelfde) hebben niet alleen het
    voordeel dat er relatief makkelijk biogebaseerde grondstoffen voor te vinden zijn. Denk aan vetzuren, glycerol, furaan dicarbonzuur, itaconzuur, barnsteenzuur, melkzuur etc. etc.. Maar ook ook zijn de geproduceerde oligomeren en polymeren makkelijker biologisch afbreekbaar. Handig als het oligomeer of polymeer onvermijdelijk in het milieu terecht komt, zoals bij kunstmestcoating, kassencoating of zaadcoating. Dat mes snijdt dus aan twee kanten.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.